<?xml version="1.0"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl">
	<id>https://wiki.beeldengeluid.nl/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=PriscillaP</id>
	<title>B&amp;G Wiki - Gebruikersbijdragen [nl]</title>
	<link rel="self" type="application/atom+xml" href="https://wiki.beeldengeluid.nl/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=PriscillaP"/>
	<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php/Speciaal:Bijdragen/PriscillaP"/>
	<updated>2026-05-02T14:25:53Z</updated>
	<subtitle>Gebruikersbijdragen</subtitle>
	<generator>MediaWiki 1.43.8</generator>
	<entry>
		<id>https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Joris_Ivens&amp;diff=163379</id>
		<title>Joris Ivens</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Joris_Ivens&amp;diff=163379"/>
		<updated>2015-06-19T10:04:23Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;PriscillaP: &lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;{{ Infobox Persoon&lt;br /&gt;
| illustratie = 7137-25_pos.png&lt;br /&gt;
| naam       = Joris Ivens&lt;br /&gt;
| geboorte_datum  = 18 november 1898&lt;br /&gt;
| geboorte_plaats =  Nijmegen&lt;br /&gt;
| overlijden_datum  =  28 juni 1989 &lt;br /&gt;
| overlijden_plaats =  Parijs&lt;br /&gt;
| functies = [[:category:documentairemaker|Documentairemaker]], [[:category:filmmaker|filmmaker]]&lt;br /&gt;
| bekend_van   = &#039;&#039;[[De brug (documentaire)]], [[Regen]], [[Borinage]], [[The Spanish Earth]], [[Hoe Yoekong de Bergen Verzette]]&#039;&#039;&lt;br /&gt;
| periode_actief  = 1928 - 1989&lt;br /&gt;
| werkt_samen_met =  [[Mannus Franken]], [[Henri Storck]], [[John Fernhout]], [[Marceline Loridan]]&lt;br /&gt;
| trivia = De nalatenschap van Joris Ivens wordt beheerd door de Europese Stichting Joris Ivens te Nijmegen.&lt;br /&gt;
| onderschrift = Joris Ivens (1971)&lt;br /&gt;
| externe_info =  [http://www.ivens.nl/ Ivens Foundation]&lt;br /&gt;
| catalogus = [[Joris Ivens in de media]]&lt;br /&gt;
| programmaoverzicht = [[Oeuvre van Joris Ivens]]&lt;br /&gt;
}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Joris Ivens speelt een hoofdrol in het vestigen van de internationale reputatie van de Nederlandse documentaire film. Zijn politieke overtuiging wordt hem vaak niet in dank afgenomen, maar zijn meer dan zestig films en niet te vergeten zijn innemende persoonlijkheid inspireren talloze jonge cineasten. Ook al brengt hij een groot deel van zijn leven buiten Nederland door, toch is hij er een niet weg te denken factor in het politieke en culturele leven ter linkerzijde in Nederland.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Met apparatuur die hij heeft geleend uit de fotowinkel van zijn vader regisseert Joris Ivens op dertienjarige leeftijd zijn eerste film, &#039;&#039;De Wigwam&#039;&#039;, een western waarin het hele gezin meespeelt. Joris wordt geacht zijn vader, eigenaar van de keten van CAPI-fotozaken, op te volgen. Met het oog daarop wordt hij in 1919 naar de Hoogere Handelsschool te Rotterdam gestuurd. Daar wordt hij actief in het studentenleven en leert onder meer [[Arthur Müller-Lehning]] kennen. Na zijn studie trekt hij naar de Technische Hogeschool te Berlijn-Charlottenburg, waar hij lessen in fotochemie volgt. Hij werkt in camerafabrieken te Dresden en Jena. Daar wordt hij geconfronteerd met de gevolgen van de hyperinflatie en ziet hij hoe de politie arbeidersprotesten uiteenslaat. In Berlijn treft hij Müller-Lehning weer. Het linkse milieu van bohémiens waarin zij verkeren stimuleert Ivens om over politiek na te denken. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Na zijn terugkeer in Nederland in 1924 wordt hij benoemd tot adjunct-directeur van CAPI en hoofd van het Amsterdamse filiaal van de firma. In de hoofdstad geniet hij met volle teugen van wat het culturele en politieke leven ter linkerzijde hem te bieden heeft. In mei 1927 stelt hij projectieapparatuur van CAPI beschikbaar aan een groep kunstenaars en intellectuelen die in de sociëteit De Kring de verboden Russische film &#039;&#039;De Moeder&#039;&#039; vertonen. Het succes van deze besloten voorstelling leidt tot de oprichting van de Filmliga, een vereniging die zich de vertoning van avant-gardefilms en kwaliteitsprodukties ten doel stelt. Door buitenlandse cineasten uit te nodigen in haar orgaan wil de Filmliga serieuze filmkritiek bedrijven en jonge talentvolle filmmakers aanmoedigen. Zo stimuleert de Filmliga de Nederlandse filmcultuur. Met zijn eerste film ontpopt Ivens, die als technisch adviseur in het verenigingsbestuur heeft plaatsgenomen, zich in 1928 als hét talent van de Filmliga. &#039;&#039;[[De Brug]]&#039;&#039;, een bewegingsstudie van de hefbrug over de Rotterdamse Koningshaven, die na zijn Liga-première een heus bioscooproulement beleeft, evenals &#039;&#039;[[Regen]]&#039;&#039; (samen met [[Mannus Franken]], 1929), een lyrisch filmgedicht over Amsterdam tijdens een regenbui, bezorgen hem een internationale reputatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
In 1929 begint  Ivens aan een grote opdracht van de Algemeene Nederlandsche Bouwarbeidersbond. Als centrale thema kiest hij de beroepstrots van de bouwvakkers. Nauwelijks is &#039;&#039;[[Wij bouwen, 1930]]&#039;&#039; gereed of Ivens vertrekt begin 1930 naar de Sovjet-Unie. Hier vertoont hij zijn werk aan een arbeiderspubliek en valt hem fundamentele kritiek ten deel, zoals: waarom komen er geen mensen voor in &#039;&#039;De Brug&#039;&#039;? Maar ook wordt hem lof toegezwaaid: de manier waarop hij in &#039;&#039;Wij bouwen&#039;&#039; het zware werk van de arbeiders die de basaltstenen op hun plaats zetten in beeld heeft gebracht, is vanuit het gezichtspunt van een arbeider. Deze reis geeft Ivens’ carrière een nieuwe wending. Na zij terugkeer neemt hij weliswaar een opdracht van het Philips-concern aan voor het maken van een geluidsfilm, maar daarnaast wordt hij actief in de communistische beweging. Hij is onder meer een van de oprichters van de Vereeniging van Arbeidersfotografen. In 1932 kan hij in de Sovjet-Unie een film over de bouw van hoogovens in Magnitogorsk opnemen, &#039;&#039;[[Heldenlied]]&#039;&#039;, waarvoor de Duitse componist [[Hanns Eisler]] de muziek schrijft. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
In de zomer van 1933 vraagt zijn Belgische collega Henri Storck Ivens te assisteren bij de productie van een film over de Borinage. In deze Belgische mijnstreek, waar Vincent van Gogh van 1878 tot 1880 als lekenprediker heeft gewerkt, heeft in 1932 een grote staking plaatsgevonden. Ivens neemt afscheid van de avantgardistische esthetiek van ‘mooifilmerij’. Elk filmbeeld in &#039;&#039;[[Misère au Borinage]]&#039;&#039; moet een aanklacht zijn. In deze film maakt hij bovendien gebruik van de onder documentaire cineasten omstreden methode van de ‘reconstructie’. Rond diezelfde tijd monteert Ivens in Parijs een nieuwe versie, &#039;&#039;[[Nieuwe gronden]]&#039;&#039; getiteld, van zijn film over de drooglegging van de Zuiderzee. Waarin hij het ‘dumpen’ van mensen en grondstoffen onder het kapitalisme aan de kaak stelt. Omdat hij bang is als gevolg van de politieke boodschap in deze twee films geen werk meer te kunnen vinden in Nederland, vertrekt hij in het voorjaar van 1934 naar de Sovjet-Unie. Daar stokt zijn carrière echter, en hij was blij dat hij begin 1936 voor een lezingencyclus naar de Verenigde Staten kon afreizen. In 1937 kan Ivens dankzij financiële steun van Amerikaanse kunstenaars en intellectuelen in Spanje de burgeroorlog filmen. Ernest Hemingway schrijft en spreekt het commentaar bij &#039;&#039;[[The Spanish Earth]]&#039;&#039;, die zelfs in het Witte Huis aan president F.D. Roosevelt wordt vertoond. In 1938 reist Ivens met cameraman [[John Fernhout]] naar China om de oorlog tegen de Japanse invasietroepen te filmen. Met hulp van Zhou Enlai weet hij een van zijn filmcamera’s naar het thuisland van het Rode Leger te smokkelen. Dit bezoek is het begin van een opmerkelijke band met China, die tot zijn dood zou duren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Voor Ivens begint de Tweede Wereldoorlog pas met de Duitse inval in de Sovjet-Unie op 22 juni 1941. Hij biedt de Nederlandse autoriteiten zijn film &#039;&#039;Nieuwe Gronden&#039;&#039; aan, die in een aangepaste versie (zonder de aanklacht tegen het kapitalistische systeem) als propaganda voor de Nederlandse zaak wordt uitgebracht. In 1944 wordt hij benaderd voor de post van Film Commissioner of the Dutch East Indies. Het is de bedoeling dat hij de bevrijding van Indonesië gaat filmen en daar vervolgens een documentaire filmgroep zou opzetten. Wanneer hij de verzekering krijgt dat zijn politiek verleden geen probleem vormt, accepteert hij de baan. In Brisbane, Melbourne en later Sydney ondervindt hij tegenwerking van een daar reeds opererende film- en fotogroep van de Netherlands Indies Government Information Service. Het herstel van de koloniale macht in Indonesië na het uitroepen van de Republiek is voor Ivens de druppel die de emmer doet overlopen. Op 21 november 1945 kondigt hij op een persconferentie zijn ontslag aan. Voor de Australische Waterfront Workers Union maakt hij &#039;&#039;[[Indonesia Calling]]&#039;&#039; (1946), een korte film over de havenstakingen waarmee de bond geprobeerd heeft het transport van Nederlandse troepen en materieel naar Indonesië lam te leggen. Beide daden komen hem duur te staan. Jarenlang wordt hem het verlengen van zijn paspoort lastig gemaakt. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
In 1947 keert Ivens als een paria in Nederland terug en reist samen met zijn Amerikaanse partner Marion Michelle door naar Praag om een vierluik over de jonge Oost-Europese Volksrepublieken te maken. Het Joegoslavische deel moet hij als gevolg van de uitstoting van dat land uit de Cominform uit de film &#039;&#039;[[Pierwsze Lata]]&#039;&#039; (1949) verwijderen. Ondanks die ervaring vestigt hij zich in Oost-Europa, waar hij een ereplaats krijgt in het pantheon van communistische kunstenaars en een reeks van obligate films over massale jeugd-, vakbonds- en vredesmanifestaties mag regisseren. Zijn reputatie als cineast lijdt hier nauwelijks onder, zelfs niet bij de ‘burgerlijke’ filmcritici. In de tweede helft van de jaren vijftig kiest Ivens Parijs tot zijn permanente domicilie. Zijn observatie van de bewoners van de lichtstad in &#039;&#039;[[La Seine à rencontré Paris]]&#039;&#039; (1957) wordt door sommige critici verwelkomd als de terugkeer van de ‘echte’, poëtische Ivens. Het reizen blijft hem in het bloed zitten en tussen 1958 en 1965 maakt hij films in China, Italië, Mali, Cuba, Chili en Nederland. Grote bekendheid krijgt hij door zijn films over de oorlog in Vietnam. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Net als veel andere kunstenaars en intellectuelen in Frankrijk radicaliseert Ivens, die jarenlang in orthodox-communistische kringen hebben verkeerd, na de gebeurtenissen in mei 1968. Samen met zijn echtgenote [[Marceline Loridan]] grijpt hij begin jaren zeventig met beide handen de gebode kans aan om in het maoïstische China te filmen. Het zou een filmserie van maar liefst twaalf uur worden, &#039;&#039;[[Hoe Yoekong de bergen verzette]]&#039;&#039; (1976). Na de met veel publiciteit omgeven première van de filmserie wordt ze al snel achterhaald door de politieke gebeurtenissen in China, culminerend in het afzetten van de ‘Bende van Vier’. Tien jaar later zouden Ivens en Loridan zich van deze films distantiëren. &lt;br /&gt;
De jaren tachtig staan voor Ivens voor een goed deel in het teken van het afrekenen met zijn eigen verleden. Zo publiceert hij een tweede autobiografie, (met Robert Destanque) &#039;&#039;Joris Ivens ou la mémoire d&#039;un regard&#039;&#039; (Parijs 1982), waarin hij meer dan in zijn eerste, in 1969 in Oost-Berlijn verschenen memoires &#039;&#039;The Camera and I&#039;&#039; zijn rol als kunstenaar benadrukt. Vanaf de jaren zestig heeft [[Jan de Vaal]], directeur van het Nederlands Filmmuseum, geijverd voor het eerherstel van Ivens in Nederland. In 1985 komt het tot een echte verzoening, toen minister van Cultuur [[Elco Brinkman]] naar Parijs reist om de cineast een [[Gouden Kalf]] voor diens oeuvre te overhandigen en refererend aan de Indonesië-affaire de historische woorden spreekt: &amp;quot;De geschiedenis heeft aangetoond dat u meer gelijk had dan uw toenmalige opponenten&amp;quot;. Samen met Loridan wijdt hij, fysiek sterk verzwakt, zijn laatste levensjaren aan de productie van &#039;&#039;[[Une histoire du vent]]&#039;&#039; (1988), waarin een veel kritischer kijk op China wordt gegeven. De Nederlandse première van de film wordt bijgewoond door koningin Beatrix. Enige weken na het neerslaan van de studentenprotesten op het Plein van de Hemelse Vrede te Beijing, waartegen hij bij de Chinese autoriteiten nog heftig heeft geprotesteerd, komt Ivens in Parijs te overlijden. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[category:personen|Ivens, Joris]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[category:filmmaker|Ivens, Joris]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[category:documentairemaker|Ivens, Joris]]&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>PriscillaP</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Max_de_Haas&amp;diff=163378</id>
		<title>Max de Haas</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Max_de_Haas&amp;diff=163378"/>
		<updated>2015-06-19T09:45:10Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;PriscillaP: &lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;{{ Infobox Persoon&lt;br /&gt;
| illustratie = &lt;br /&gt;
| naam       = Max de Haas&lt;br /&gt;
| geboorte_datum  = 12 oktober 1898&lt;br /&gt;
| geboorte_plaats = Amsterdam&lt;br /&gt;
| overlijden_datum  = 2 mei 1983&lt;br /&gt;
| overlijden_plaats = Den Haag&lt;br /&gt;
| functies = [[:Category:Journalist|journalist]], [[:Category:Regisseur|regisseur]],&amp;lt;br&amp;gt;[[:Category:Scenarioschrijver|scenarioschrijver]]&lt;br /&gt;
| bekend_van   = &#039;&#039;[[Fakkelgang]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[De macht van het kleine]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[Ballade van den hoogen hoed]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[LO/LKP]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[Maskerage]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[Amsterdam, stad van het water]]&#039;&#039;&lt;br /&gt;
| periode_actief  = 1925-1971&lt;br /&gt;
| werkt_samen_met = [[Jo de Haas]], [[Erik Klaas de Vries|Erik de Vries]], [[Cor Lemaire]]&lt;br /&gt;
| trivia = &lt;br /&gt;
| externe_info = &lt;br /&gt;
| onderschrift = Max de Haas&lt;br /&gt;
| programmaoverzicht = [[Oeuvre van Max de Haas]]&lt;br /&gt;
| catalogus = [[Max de Haas in de media]]&lt;br /&gt;
}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Max de Haas is van jongs af aan gefascineerd door de film. In 1925 weet hij [[Abraham Tuschinski]], de eigenaar van het gelijknamige bioscooppaleis aan de Amsterdamse Reguliersbreestaat, over te halen om &#039;&#039;De Rolprent&#039;&#039;, een kwaliteitsweekblad over film, financieel mogelijk te maken. De Haas slaagt erin een keur aan medewerkers aan het blad te binden. Van tekenaar Ch. Muratti tot &#039;&#039;Telegraaf&#039;&#039;-columnist Barbarossa, van musicus Max Tak tot cabaretier Louis Davids. Ruim voor de oprichting van de [[Filmliga]] in 1927, maakt &#039;&#039;De Rolprent&#039;&#039; zich als sterk voor film als autonome kunst. Sponsor Tuschinski is echter niet tevreden en trekt zich na enige tijd terug. Zonder diens financiële steun kan De Haas het niet bolwerken en gaat failliet. Zodra hij kan begint hij met een nieuw weekblad, eenvoudig Film geheten. Maar ook dat is geen lang leven beschoren. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
De Haas treedt vervolgens in dienst van de Schiedamse filmstudio [[Filmstudio Eureka|Eureka]], die eigendom is van de theaterfamilie Boesnach. Hij schrijft scenario’s en de teksten van de tussentitels voor de (toen nog) zwijgende films. Als de studio haar activiteiten vermindert, stapt De Haas over naar de filmfabriek [[Polygoon]] in Haarlem, waar hij soortgelijke werkzaamheden verricht. Veel medewerkers van Polygoon zijn sympathisanten van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij. Zij proberen in de opdrachten die Polygoon krijgt, met name bij die uit socialistische hoek, ideeën toe te passen, die ze hebben opgedaan bij het zien van de Russische films van Eisenstein en Poedovkin.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Als Polygoon na de komst van de geluidsfilm een behoudender koers gaat varen, besluit Max de Haas samen met twee collega’s, de cameralieden [[Jo de Haas]] (géén familie) en [[Ab Keyzer]], een eigen werkgemeenschap te stichten: de [[Nederlandsche Filmassociatie Visie]]. Hun eerste film is een opdracht van de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholhoudende Dranken, &#039;&#039;[[Fakkelgang]]&#039;&#039; (1932), waarin de invloed van de Sovjet films duidelijk merkbaar is. Er volgt een groot aantal opdrachten voor organisaties uit de verschillende zuilen en het bedrijfsleven. In het voorjaar van 1933 wint een door Max de Haas ingezonden script een prijsvraag voor een korte propagandafilm ten behoeve van de campagne &#039;Koop Nederlandsche Waar&#039; van de Vereeniging &#039;Nederlandsch Fabrikaat&#039;. Zo kan Visie Film haar eerste geluidsfilm, &#039;&#039;[[De macht van het kleine]]&#039;&#039; (1933), produceren waarin ze de principes van de modernistische filmesthetiek even effectief toepast als in de zwijgende film. De muziek wordt verzorgd door [[Cor Lemaire]] met wie De Haas ook in de toekomst veelvuldig zal samenwerken.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
In 1936 vindt Max de Haas  eindelijk de financiële middelen voor een korte speelfilm over een hoge hoed, &#039;&#039;[[Ballade van den hoogen hoed]]&#039;&#039;. Via ‘bruggetjes’, een soort audiovisuele gedachtesprongen, presenteert de film een dwarsdoorsnede van de samenleving. Met uitzondering van acteur [[Chris Baay]] zijn de spelers in de film allemaal leken. &#039;&#039;De ballade&#039;&#039; wordt enthousiast ontvangen door de pers, krijgt een bescheiden bioscooproulement en wordt een echte filmklassieker. &amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;De ballade&#039;&#039; is een van de laatste Visie-producties waar Jo de Haas nog aan meewerkt. Ab Keyser heeft Visie al eerder verlaten. Max de Haas haalt prestigieuze opdrachten binnen van o.a. de KLM (&#039;&#039;[[Hier luchthaven Schiphol]]&#039;&#039;, 1938) en de Nederlandse Spoorwegen (&#039;&#039;[[Na 100 jaar]]&#039;&#039;, 1939).&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Als in mei 1940 de Duitsers Nederland binnenvallen, vlucht De Haas die als politiek bewuste Jood weinig illusies koestert over de plannen van de Nazi’s, samen met zijn uit Wenen afkomstige vrouw Gretl, naar Engeland. De Nederlandse regering in ballingschap vraagt hem om naar Nederlands-Indië te gaan, waar hij in eerste instantie zijn oude beroep van journalist weer oppakt. In 1941 richt hij een Nederlands-Indisch filiaal van Visie Film op en maakt samen met de latere televisiepionier [[Erik Klaas de Vries|Erik de Vries]] als cameraman een half dozijn weerbaarheidspropagandafilms. Hoewel de kopieën van deze films bijtijds vernietigd worden bij de Japanse inval in 1942, moeten De Haas en zijn vrouw net als de andere Nederlanders de tijd van de Japanse bezetting in kampen doorbrengen.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Na de bevrijding in 1945, vertrekken het echtpaar De Haas eerst naar Nieuw-Zeeland om weer op krachten te komen. Terug in Nederland krijgt hij de opdracht van de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en de Landelijke Knokploegen (LKP) om een speelfilm over het Nederlandse verzet te maken. Omdat er geen filmstudio beschikbaar is, gebruikt De Haas de Amsterdamse Zuiderkerk als studio. De film die &#039;&#039;[[LO/LKP]]&#039;&#039; is getiteld, is beïnvloed door het Italiaanse neorealisme. Maar de bezoekers stromen niet in grote getalen toe.&amp;lt;br&amp;gt; &lt;br /&gt;
Daarom keert De Haas terug naar zijn oude liefde: de opdrachtfilm. De overheid toont zich nu ook een belangrijke opdrachtgever. Van zijn wil om nog steeds bij de avant-garde te horen getuigt zijn keuze voor electronische muziek van Pierre Schaeffer als illustratie bij &#039;&#039;[[Maskerage]]&#039;&#039;, een film over de collectie van het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden. Ook verloochent hij zijn socialistische verleden niet en maakt een film ter gelegenheid van het vijftigjarig jubileum van het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (&#039;&#039;[[Gouden oogst]]&#039;&#039;, 1956) en in 1963 enkele televisiespotjes voor de Partij van de Arbeid. Dat hij de toekomstige ‘anti-rook magiër’ en Provo Robert Jasper Grootveld een rolletje (varend met een vlot door de grachten) geeft in zijn film &#039;&#039;[[Amsterdam, stad van het water]]&#039;&#039; (1957), getuigt van zijn open geest. &amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Een belangrijke bron van inkomsten voor Visie Film, dat zich inmiddels heeft gevestigd in het Hirsch Gebouw aan het Amsterdamse Leidseplein, wordt gevormd door goedbetaalde reportages voor de Amerikaanse televisie. De Amerikanen zijn het meest onder de indruk van een verslag over de rode brievenbussen die zich achterop de Amsterdamse trams bevinden. De historisch meest interessante reportage is die van een bezoek van Max en Gretl de Haas aan Staphorst, het orthodox-protestantse dorp in Overijssel, waar fotograferen en filmen op straat bij gemeentelijke verordening verboden is. De Haas zet de charmes van zijn vrouw in om desondanks unieke opnamen te maken.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Na lang te hebben rondgelopen met plannen voor een opvolger van &#039;&#039;De ballade met den hoogen hoed&#039;&#039;, krijgt De Haas in 1959 eindelijk een overheidssubsidie voor het maken van een korte, autobiografisch getinte speelfilm, &#039;&#039;[[Dagen mijner jaren]]&#039;&#039; (1960). Hoewel deze lauw wordt ontvangen, krijgt hij in 1962 opnieuw subsidie voor een korte speelfilm over het atoomgevaar. Dit wordt &#039;&#039;[[Droom zonder einde]]&#039;&#039; (1964) die evenmin grote indruk op de critici maakt.&amp;lt;br&amp;gt; &lt;br /&gt;
De Haas die inmiddels de pensioengerechte leeftijd is gepasseerd, eindigt zijn carrière met twee films over zijn geliefde Amsterdam, beter gezegd over de verloedering van de binnenstadswijken Wittenburg (&#039;&#039;[[Verdwijnend Wittenburg]]&#039;&#039;, 1970) en de Jordaan (&#039;&#039;[[Jordaan, een verdwijnend stadsdeel?]]&#039;&#039;, 1971). Daarna trekt hij zich terug op de Veluwe. Om gezondheidsredenen verhuist hij vervolgens naar Den Haag. Twee jaar voor zijn overlijden wordt hij op de allereerste aflevering van de Nederlandse Filmdagen (nu: [[Nederlands Filmfestival]]) in 1981 met een retrospectief in het zonnetje gezet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Category:personen|Haas, Max de]] [[Category:journalist|Haas, Max de]]&lt;br /&gt;
[[Category:regisseur|Haas, Max de]] [[Category:scenarioschrijver|Haas, Max de]]&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>PriscillaP</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Max_de_Haas&amp;diff=163374</id>
		<title>Max de Haas</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Max_de_Haas&amp;diff=163374"/>
		<updated>2015-06-19T08:56:43Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;PriscillaP: &lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;{{ Infobox Persoon&lt;br /&gt;
| illustratie = &lt;br /&gt;
| naam       = Max de Haas&lt;br /&gt;
| geboorte_datum  = 12 oktober 1898&lt;br /&gt;
| geboorte_plaats = Amsterdam&lt;br /&gt;
| overlijden_datum  = 2 mei 1983&lt;br /&gt;
| overlijden_plaats = Den Haag&lt;br /&gt;
| functies = [[:Category:Journalist|journalist]], [[:Category:Regisseur|regisseur]],&amp;lt;br&amp;gt;[[:Category:Scenarioschrijver|scenarioschrijver]]&lt;br /&gt;
| bekend_van   = &#039;&#039;[[Fakkelgang]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[De macht van het kleine]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[Ballade van den hoogen hoed]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[LO/LKP]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[Maskerage]]&#039;&#039;, &#039;&#039;[[Amsterdam, stad van het water]]&#039;&#039;&lt;br /&gt;
| periode_actief  = 1925-1971&lt;br /&gt;
| werkt_samen_met = [[Jo de Haas]], [[Erik Klaas de Vries|Erik de Vries]], [[Cor Lemaire]]&lt;br /&gt;
| trivia = &lt;br /&gt;
| externe_info = &lt;br /&gt;
| onderschrift = Max de Haas&lt;br /&gt;
| programmaoverzicht = [[Oeuvre van Max de Haas]]&lt;br /&gt;
| catalogus = [[Max de Haas in de media]]&lt;br /&gt;
}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Max de Haas is van jongs af aan gefascineerd door de film. In 1925 weet hij [[Abraham Tuschinski]], de eigenaar van het gelijknamige bioscooppaleis aan de Amsterdamse Reguliersbreestaat, over te halen om &#039;&#039;De Rolprent&#039;&#039;, een kwaliteitsweekblad over film, financieel mogelijk te maken. De Haas slaagt erin een keur aan medewerkers aan het blad te binden. Van tekenaar Ch. Muratti tot &#039;&#039;Telegraaf&#039;&#039;-columnist Barbarossa, van musicus Max Tak tot cabaretier Louis Davids. Ruim voor de oprichting van de [[Filmliga]] in 1927, maakt &#039;&#039;De Rolprent&#039;&#039; zich als sterk voor film als autonome kunst. Sponsor Tuschinski is echter niet tevreden en trekt zich na enige tijd terug. Zonder diens financiële steun kan De Haas het niet bolwerken en gaat failliet. Zodra hij kan begint hij met een nieuw weekblad, eenvoudig Film geheten. Maar ook dat is geen lang leven beschoren. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
De Haas treedt vervolgens in dienst van de Schiedamse filmstudio [[Filmstudio Eureka|Eureka]], die eigendom is van de theaterfamilie Boesnach. Hij schrijft scenario’s en de teksten van de tussentitels voor de (toen nog) zwijgende films. Als de studio haar activiteiten vermindert, stapt De Haas over naar de filmfabriek [[Polygoon]] in Haarlem, waar hij soortgelijke werkzaamheden verricht. Veel medewerkers van Polygoon zijn sympathisanten van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij. Zij proberen in de opdrachten die Polygoon krijgt, met name bij die uit socialistische hoek, ideeën toe te passen, die ze hebben opgedaan bij het zien van de Russische films van Eisenstein en Poedovkin.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Als Polygoon na de komst van de geluidsfilm een behoudender koers gaat varen, besluit Max de Haas samen met twee collega’s, de cameralieden [[Jo de Haas]] (géén familie) en [[Ab Keyzer]], een eigen werkgemeenschap te stichten: de [[Nederlandsche Filmassociatie Visie]]. Hun eerste film is een opdracht van de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholhoudende Dranken, &#039;&#039;[[Fakkelgang]]&#039;&#039; (1932), waarin de invloed van de Sovjet films duidelijk merkbaar is. Er volgt een groot aantal opdrachten voor organisaties uit de verschillende zuilen en het bedrijfsleven. In het voorjaar van 1933 wint een door Max de Haas ingezonden script een prijsvraag voor een korte propagandafilm ten behoeve van de campagne &#039;Koop Nederlandsche Waar&#039; van de Vereeniging &#039;Nederlandsch Fabrikaat&#039;. Zo kan Visie Film haar eerste geluidsfilm, &#039;&#039;[[De macht van het kleine]]&#039;&#039; (1933), produceren waarin ze de principes van de modernistische filmesthetiek even effectief toepast als in de zwijgende film. De muziek wordt verzorgd door [[Cor Lemaire]] met wie De Haas ook in de toekomst veelvuldig zal samenwerken.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
In 1936 vindt Max de Haas  eindelijk de financiële middelen voor een korte speelfilm over een hoge hoed, &#039;&#039;[[De ballade van den hoogen hoed]]&#039;&#039;. Via ‘bruggetjes’, een soort audiovisuele gedachtensprongen, presenteert de film een dwarsdoorsnede van de samenleving. Met uitzondering van acteur [[Chris Baay]] zijn de spelers in de film allemaal leken. &#039;&#039;De ballade&#039;&#039; wordt enthousiast ontvangen door de pers, krijgt een bescheiden bioscooproulement en wordt een echte filmklassieker. &amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;De ballade&#039;&#039; is een van de laatste Visie-producties waar Jo de Haas nog aan meewerkt. Ab Keyser heeft Visie al eerder verlaten. Max de Haas haalt prestigieuze opdrachten binnen van o.a. de KLM (&#039;&#039;[[Hier luchthaven Schphol]]&#039;&#039;, 1938) en de Nederlandse Spoorwegen (&#039;&#039;[[Na 100 jaar]]&#039;&#039;, 1939).&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Als in mei 1940 de Duitsers Nederland binnenvallen, vlucht De Haas die als politiek bewuste Jood weinig illusies koestert over de plannen van de Nazi’s, samen met zijn uit Wenen afkomstige vrouw Gretl, naar Engeland. De Nederlandse regering in ballingschap vraagt hem om naar Nederlands-Indië te gaan, waar hij in eerste instantie zijn oude beroep van journalist weer oppakt. Iin 1941 richt hij een Nederlands-Indisch filiaal van Visie Film op en maakt samen met de latere televisiepionier [[Erik Klaas de Vries|Erik de Vries]] als cameraman een half dozijn weerbaarheidspropagandafilms. Hoewel de kopieën van deze films bijtijds vernietigd worden bij de Japanse inval in 1942, moeten De Haas en zijn vrouw net als de andere Nederlanders de tijd van de Japanse bezetting in kampen doorbrengen.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Na de bevrijding in 1945, vertrekken het echtpaar De Haas eerst naar Nieuw-Zeeland om weer op krachten te komen. Terug in Nederland krijgt hij de opdracht van de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en de Landelijke Knokploegen (LKP) om een speelfilm over het Nederlandse verzet te maken. Omdat er geen filmstudio beschikbaar is, gebruikt De Haas de Amsterdamse Zuiderkerk als studio. De film die &#039;&#039;[[LO/LKP]]&#039;&#039; is getiteld, is beïnvloed door het Italiaanse neorealisme. Maar de bezoekers stromen niet in grote getalen toe.&amp;lt;br&amp;gt; &lt;br /&gt;
Daarom keert De Haas terug naar zijn oude liefde: de opdrachtfilm. De overheid toont zich nu ook een belangrijke opdrachtgever. Van zijn wil om nog steeds bij de avant-garde te horen getuigt zijn keuze voor electronische muziek van Pierre Schaeffer als illustratie bij &#039;&#039;[[Maskerage]]&#039;&#039;, een film over de collectie van het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden. Ook verloochent hij zijn socialistische verleden niet en maakt een film ter gelegenheid van het vijftigjarig jubileum van het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (&#039;&#039;[[Gouden oogst]]&#039;&#039;, 1956) en in 1963 enkele televisiespotjes voor de Partij van de Arbeid. Dat hij de toekomstige ‘anti-rook magiër’ en Provo Robert Jasper Grootveld een rolletje (varend met een vlot door de grachten) geeft in zijn film &#039;&#039;[[Amsterdam, stad van het water]]&#039;&#039; (1957), getuigt van zijn open geest. &amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Een belangrijke bron van inkomsten voor Visie Film, dat zich inmiddels heeft gevestigd in het Hirsch Gebouw aan het Amsterdamse Leidseplein, wordt gevormd door goedbetaalde reportages voor de Amerikaanse televisie. De Amerikanen zijn het meest onder de indruk van een verslag over de rode brievenbussen die zich achterop de Amsterdamse trams bevinden. De historisch meest interessante reportage is die van een bezoek van Max en Gretl de Haas aan Staphorst, het orthodox-protestantse dorp in Overijssel, waar fotograferen en filmen op straat bij gemeentelijke verordening verboden is. De Haas zet de charmes van zijn vrouw in om desondanks unieke opnamen te maken.&amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
Na lang te hebben rondgelopen met plannen voor een opvolger van &#039;&#039;De ballade met den hoogen hoed&#039;&#039;, krijgt De Haas in 1959 eindelijk een overheidssubsidie voor het maken van een korte, autobiografisch getinte speelfilm, &#039;&#039;[[Dagen mijner jaren]]&#039;&#039; (1960). Hoewel deze lauw wordt ontvangen, krijgt hij in 1962 opnieuw subsidie voor een korte speelfilm over het atoomgevaar. Dit wordt &#039;&#039;[[Droom zonder einde]]&#039;&#039; (1964) die evenmin grote indruk op de critici maakt.&amp;lt;br&amp;gt; &lt;br /&gt;
De Haas die inmiddels de pensioengerechte leeftijd is gepasseerd, eindigt zijn carrière met twee films over zijn geliefde Amsterdam, beter gezegd over de verloedering van de binnenstadswijken Wittenburg (&#039;&#039;[[Verdwijnend Wittenburg]]&#039;&#039;, 1970) en de Jordaan (&#039;&#039;[[Jordaan, een verdwijnend stadsdeel?]]&#039;&#039;, 1971). Daarna trekt hij zich terug op de Veluwe. Om gezondheidsredenen verhuist hij vervolgens naar Den Haag. Twee jaar voor zijn overlijden wordt hij op de allereerste aflevering van de Nederlandse Filmdagen (nu: [[Nederlands Filmfestival]]) in 1981 met een retrospectief in het zonnetje gezet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Category:personen|Haas, Max de]] [[Category:journalist|Haas, Max de]]&lt;br /&gt;
[[Category:regisseur|Haas, Max de]] [[Category:scenarioschrijver|Haas, Max de]]&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>PriscillaP</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Jo_de_Haas&amp;diff=163348</id>
		<title>Jo de Haas</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php?title=Jo_de_Haas&amp;diff=163348"/>
		<updated>2015-06-12T11:52:11Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;PriscillaP: &lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;{{ Infobox Persoon&lt;br /&gt;
| illustratie = JodeHaas.jpg&lt;br /&gt;
| naam       = Jo de Haas&lt;br /&gt;
| geboorte_datum  = 9 juni 1902 &lt;br /&gt;
| geboorte_plaats = Tiel&lt;br /&gt;
| overlijden_datum  =  23 januari 1963&lt;br /&gt;
| overlijden_plaats = Leidschendam&lt;br /&gt;
| functies = [[:Category:Cameraman | cameraman]], [[:Category:Regisseur | regisseur]]&lt;br /&gt;
| bekend_van   = &#039;&#039;[[Stalen knuisten]]&#039;&#039;&lt;br /&gt;
| periode_actief  = 1929 - 1963&lt;br /&gt;
| werkt_samen_met =  [[Max de Haas]], [[Mannus Franken]], [[Piet van Strien]]&lt;br /&gt;
| trivia = Niet verwarren met Jo de Haas (1915-1997), fotograaf bij onder andere de Arbeiderspers&lt;br /&gt;
| onderschrift = Jo de Haas&lt;br /&gt;
| externe_info = &lt;br /&gt;
| catalogus = [[Jo de Haas in de media]]&lt;br /&gt;
| programmaoverzicht = [[Oeuvre van Jo de Haas]]&lt;br /&gt;
}}&lt;br /&gt;
Jo de Haas is een van de meest productieve cameramensen van zijn generatie. Zijn vroege filmwerk is duidelijk beïnvloed door de Duitse Nieuwe Zakelijkheid en de Russische film. Hij voelt zich het beste thuis in filmbedrijven waar een familiale sfeer hangt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Jo de Haas begint zijn filmcarrière bij de Haarlemse filmfabriek [[Polygoon]]. Hij maakt al snel naam met films als &#039;&#039;[[Groei]]&#039;&#039;  (1930), over de bouw van de Rotterdamse Bijenkorf, en &#039;&#039;[[Stalen knuisten]]&#039;&#039; (1930), over de activiteiten van de Algemene Nederlandse Metaalbewerkers Bond. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Visie&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Nadat het Polygoonjournaal in 1931 op geluid is overgegaan en de modernistische filmstijl en het linkse engagement door de directie op een laag pitje wordt gezet, besluit De Haas samen met zijn collega’s [[Max de Haas]] (geen familie) en [[Ab Keyzer]] verder te gaan als een onafhankelijke productie-eenheid. In 1932 beginnen zij onder de naam [[Nederlandsche Film-Associatie]] ‘Visie’ films te produceren, in eerste instantie voor opdrachtgevers uit sociaal-democratische hoek maar later ook uit andere zuilen of het bedrijfsleven. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Artistieke integriteit staat hoog in het vaandel van Visie. Omdat Max de Haas zich steeds nadrukkelijker als leider manifesteert ten koste van de andere partners, besluit Jo de Haas in 1934 om Visie Film te verlaten. Ab Keyzer volgt een jaar later zijn voorbeeld.. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Filmfabriek Holland en &#039;&#039;De ballade van den hoogen hoed&#039;&#039; &#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Jo de Haas treedt in dienst van de Filmfabriek Holland te Amsterdam, die exclusief journaalreportages voor de pas geopende Cineacs in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag verzorgt. In 1936 keert hij nog een keer terug naar Visie Film om samen met Max de Haas de “vrije” (want niet in opdracht gemaakte) film &#039;&#039;[[Ballade van den hoogen hoed|De ballade van den hoogen hoed]]&#039;&#039; (1937) te realiseren. In twintig minuten vertelt de film het verhaal van een hoge hoed die van persoon tot persoon gaat en laat zo een dwarsdoorsnede van de samenleving zien. De film is geprezen door de belangrijkste filmcritici en geldt tot ver na de Tweede Wereldoorlog als een geslaagd voorbeeld van de Nederlandse avant-garde film. In 1937 is &#039;&#039;De Ballade&#039;&#039; als voorfilm in het Amsterdamse Tuschinski Theater te zien. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Amfilco en Multifilm&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Plannen voor een avondvullende speelfilm lopen stuk op een hernieuwde botsing tussen de ego’s van Jo de Haas en Max de Haas. Eerstgenoemde richt daarom samen met zijn zwager [[Theo Cornelissen]] het productiebedrijf [[Amfilco]] op. Op de overvolle opdrachtmarkt weet deze firma echter onvoldoende orders binnen te halen. De Haas en Cornelissen treden in 1938 in dienst van [[Multifilm]]. Deze filmfabriek aan het Kenaupark in Haarlem staat onder leiding van [[J.C. Mol]] die grote bekendheid heeft gekregen met zijn microscopische films over de kristallisatie van chemische stoffen. Mol heeft een zwak voor de vertegenwoordigers van de zogeheten avant-garde film en zo bevindt Jo de Haas zich onder gelijkgezinden als [[Mannus Franken]], [[Jan Hin]], [[Dick Laan]] en [[Paul Schuitema]]. Terwijl De Haas er voortdurend met de filmcamera op uit trekt, doet Theo Cornelissen veel praktijkervaring op in het lab van Multifilm. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Na de Tweede Wereldoorlog&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Beiden werken door tijdens de oorlogsjaren maar worden na de bevrijding door de zuiveringscommissie van een bewijs van goed gedrag voorzien. Dit heeft veel te maken met de rol die Multifilm, in het bijzonder directeur [[Eduard Verschueren]], tijdens de Duitse bezetting in het kunstenaarsverzet heeft gespeeld. Verschueren is direct na de bevrijding ook een van de initiatiefnemers tot de [[Nederlandse Werkgemeenschap voor Filmproductie]] (NWF). De Haas maakt deel uit van dit collectief. Ondanks serieuze transportproblemen weet hij in de zomer van 1945 Walcheren en de Wieringermeer te bereiken om er de gevolgen van de inundaties en de herstelwerkzaamheden te filmen. In het voorjaar van 1946 trekt hij zich terug uit de NWF en richt samen met Theo Cornelissen en de Amsterdamse amateurcineast [[Paul A.J. Wijnhoff]] [[Triofilm]] op. Wanneer de laatste na enige tijd opstapt, wordt Triofilm een echt familiebedrijf – zeker nadat begin jaren vijftig de schoonzoon van De Haas, [[Piet van Strien]], ook in de staf wordt opgenomen. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Triofilm zetelt in een pand aan de Amsterdamse Vondelstraat, waar behalve het filmlab, de kantoren en viewingruimten ook de gezinnen van De Haas en Cornelissen zijn gehuisvest. Behalve met kopieerwerk en nasynchronisatie van buitenlandse films houdt Triofilm zich bezig met producties voor de meest uiteenlopende opdrachtgevers, zoals bijvoorbeeld de [[NCRV]] of de Bescherming Bevolking, en reportages voor het [[Fox Movietone journaal]]. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039; &#039;&#039;Spiegel van Nederland&#039;&#039; en Haghefilm&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
In 1958 gaan De Haas en Van Strien werken voor &#039;&#039;[[Spiegel van Nederland]]&#039;&#039; dat Triofilm produceert in een samenwerkingsverband met [[Haghefilm]], eveneens een familiebedrijf dat in 1918 door filmpionier [[Willy Mullens]] is gesticht. De Nederlandse Bioscoop Bond heeft opmerkelijk genoeg toestemming gegeven voor de productie van dit wekelijkse bioscoopjournaal waarmee het monopolie van het roemruchte [[Polygoon]] journaal wordt doorbroken. Na een conflict met zijn zwager Cornelissen vertrekt De Haas in 1959 permanent naar Haghefilm. Eind 1960 wordt de productie van [[Spiegel van Nederland]] gestopt, als blijkt dat er in een tijd van bioscoopsluitingen en explosief toenemend televisiebezit geen plaats voor twee journaals is. De Haas vervult vervolgens als ervaren cameraman en regisseur een mentorrol voor de jongeren die bij Haghefilm werkzaam zijn. Hij overlijdt in 1963.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Prijzen en onderscheidingen===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* 1991: Winnaar van het pre-Gouden Kalf voor de beste documentaire (&#039;&#039;[[Stalen knuisten]]&#039;&#039;)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Category:personen|Haas, Jo de]] [[Category:Cameraman |Haas, Jo de]] [[Category:Regisseur |Haas, Jo de]]&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>PriscillaP</name></author>
	</entry>
</feed>