Leen Jongewaard

Uit B&G Wiki

Na de oorlog komt Leen Jongewaard dankzij wat vrienden van de Grafische school in Amsterdam in aanraking met toneel en theater. Een voorstelling van Wim Kan is voor hem een openbaring. Samen met zijn vriend Cor Pisuisse richt hij daarop de amateur-cabaretgroep De Kijkdoos op. Ook aangesloten bij de groep is een zekere Adèle Hameetman. Naar aanleiding van een voorstelling van De Kijkdoos worden zowel hij als Adèle gecontracteerd door Egbert van Paridon van toneelgroep Puck. In 1953 maakt Jongewaard zijn debuut bij Puck. Ruim tien jaar blijft hij aan de groep verbonden en speelt in diverse toneelproducties

In 1959 maakt Jongewaard zijn televisiedebuut in het programma Het mannetje op zolder van Mies Bouhuys. In deze periode is hij ook te zien in een andere productie van Bouhuys: het kinderprogramma Varen is fijner dan je denkt. Hierna is Jongewaard te zien en te horen in uiteenlopende radio- en televisieprogramma’s als De wilde vaart en Flip de tovenaarsleerling.

Eind jaren 60 speelt Jongewaard in de legendarisch geworden televisieserie Ja zuster, nee zuster. In de serie heeft hij de dubbelrol van Opa en Gerrit. Samen met Hetty Blok zingt Jongewaard veel van de bekende liedjes in het programma waaronder: “M’n Opa”, “Ik krijg het weer” en “In een ruituigie”. Hij maakt vervolgens zijn opwachting in de even legendarische series 't Schaep met de 5 pooten en Citroentje met suiker.

Vanaf de jaren 80 richt Jongewaard zich meer op film en theater. In de bioscoop is hij te zien in o.a. De boezemvriend, Te gek om los te lopen en De avonden. Samen met zanger Robert Long trekt Jongewaard door het land met een drietal cabaret programma’s. In 1987 accepteert hij een rol in de nieuwe Annie M.G. Schmidt-musical Ping ping en in hetzelfde jaar staat hij naast Mary Dresselhuys in het stuk Een bijzonder prettig vergezicht van Paul Haenen.

Leen Jongewaard overlijdt op 4 juni 1996 aan een hartaanval tijdens een vakantie in Frankrijk.

Prijzen en onderscheidingen

Televisierring (1962)

Johan Kaart prijs (1980)

Albert van Dalsum prijs (1980)

Edison