Profilti

Uit B&G Wiki
Versie door Bvspall (overleg | bijdragen) op 22 apr 2010 om 10:02
NaamProfilti
Oprichting1922
OprichterOnbekend
LocatieDen Haag

De Haagse Filmfabriek Profilti NV wordt oorspronkelijk in 1922 opgezet als filmtechnisch bedrijf ter ondersteuning van de bioscoopketen Nederlandse Bioscoop Trust (NBT). Het bedrijf groeit echter in zeven jaar tijd uit tot een zelfstandige filmfabriek, waarvan de voornaamste bezigheid het maken van reclamefilms is. Ook beheert Profilti het Koninklijk Archief, waarin sinds 1901 opnamen van de koninklijke familie zijn opgeslagen.

Profilti is echter niet de enige speler in het veld die zich bezig houdt met het vervaardigen van reclamefilms. De grootste concurrent op dit vlak is het in Haarlem gevestigde filmproductiebedrijf Polygoon.

In 1931 besluiten Profilti en Orion de handen ineen te slaan en en verder te gaan onder de naam Orion-Profilti. Het bedrijf gaat verder met het bioscoopjournaal Orion-Revue dat Orion al sinds de jaren '20 produceert. De samenwerking is echter van korte duur: op 21 november 1932 besluit Orion zich terug te trekken uit het samenwerkingsverband met Profilti.

Het filmproductiebedrijf voert voortaan weer de naam Profilti en verandert per september 1933 de naam van het door Orion-Profilti opgezette bioscoopjournaal Nederland in klank en beeld in Profilti Nieuws. Na het verlies van haar zakenpartner raakt de firma langzamerhand in de financiële problemen. Het kapitaal is door het opstappen van Orion verminderd en ook verliest Profilti de bioscoopketen City als afnemer van de bioscoopjournaals. Dit verlies hangt waarschijnlijk samen met het feit dat de voornaamste aandeelhouder van de bioscoopketen tevens commissaris is bij Orion.

De aandeelhouders merken intussen dat het niet goed gaat met het bedrijf met als gevolg dat de directeur wordt gesommeerd te vertrekken. De raad van commissarissen van Profilti zoekt de oplossing voor de problemen in onverwachte hoek: in de zomer van 1933 nemen zij contact op met de directeur van concurrent Polygoon, de heer Brand Dirk Ochse en vragen hem of hij bereid zou zijn het bedrijf te kopen. Na overleg met zijn eigen raad van commissarissen besluit B.D. Ochse een nieuwe vennootschap op te richten onder de noemer ‘NV Vereenigde Nederlandsche Filmfabrieken’ (VNF), waar Profilti voortaan onder zou vallen. De overname wordt echter geheimgehouden uit economische en bedrijfspolitieke overwegingen. Profilti kan dus voortaan weer zelfstandig bioscoopjournaals en films produceren, maar valt wel onder hetzelfde financiële stelsel als Polygoon. Op 1 augustus wordt 1933 werd C.S. Roem tot nieuwe directeur van Profilti benoemd. Doordat Profilti en Polygoon nu in handen zij van dezelfde aandeelhouders verbetert de positie van de beide bedrijven sterk. De eerdere concurrentiestrijd ruimt in de loop van de jaren dertig het veld voor vreedzame coëxistentie en langzaamaan wordt er zelfs in zekere zin samengewerkt doordat men journaalitems uitwisselt.

Eind 1939 is er grote verandering op komst voor Profilti. Polygoon directeur B.D. Ochse verblijft in 1939 voor een bezoek in de Verenigde Staten, het uitbreken van de oorlog belet hem terug te keren naar Nederland. C. van der Wilden, die sinds 1931 als commissaris en later als bestuurslid betrokken is bij Polygoon, neemt de functie van directeur over. Een deel van het peroneel van Profilti wordt net als het personeel van Polygoon voor het leger opgeroepen. Het Nederlandse leger biedt echter weinig weerstand tegen het Nazi-leger en in 1940 valt het land onder de controle van Duitsland.

De bezetter besluit dat er in Nederland geen plaats meer is voor twee bioscoopjournaals. Er ontstaat een werkgemeenschap tussen Polygoon en Profilti, waarbij Profilti het produceren van films op zich neemt. De productie van de films staan vanaf dat moment echter onder volledig toezicht van de bezetter. Zo maakt het bedrijf films over Duitsgezinde onderwerpen, zoals nationaal-socialistische parades en toespraken en NSB-bijeenkomsten. Al snel zijn de films en journaals die zowel door Polygoon als Profilti worden gemaakt niet meer dan Nazi-propaganda. In juni van 1940 besluiten de Nazi’s dat de twee filmfabrieken niet meer zelfstandig het journaal mogen produceren, maar moeten samenwerken met het Duiste filmverhuurkantoor ‘Tobis’. Beide filmfabrieken gaan akkoord met deze samenwerking om in beslagneming van apparatuur en laboratoria te voorkomen.

De productie van films komt in het najaar van 1944 volledig stil te liggen.Door gebrek aan elektriciteit is het niet mogelijk films te produceren. Bovendien zijn vrijwel alle bioscopen dan al gesloten. Van groot belang voor de filmfabrieken is nu het beschermen van de archieven; men wil koste wat kost voorkomen dat de films door de Nazi’s geconfisqueerd zouden worden. Helaas komt niet alle archiefmateriaal ongeschonden uit de oorlog. Als de Geallieerden op 3 maart 1945 per ongeluk de Haagse wijken Bezuidenhout en Malieveld bombardeerden wordt ook het pand van de filmfabriek Profilti geraakt. Het gebouw is, op de voorgevel en linkerzijgevel na, volledig verwoest en daarmee ook een groot deel van het filmarchief.

Op 22 mei 1945 besluit Profilti, mede geïnitieerd door het nieuwe overheidsbeleid, de samenwerking met Polygoon voort te zetten en uit te breiden. Het resultaat is de oprichting van een nieuw coöperatie onder de naam Polygoon Profilti Productions (PPP). Beide bedrijven blijven echter wel gescheiden fiscale eenheden. Het verwoeste Profilti-gebouw in Den Haag wordt opnieuw opgebouwd en weer in gebruik genomen. Directeur C.S. Roem wordt enige tijd geschorst vanwege de samenwerking met de bezetter, maar keer uiteindelijk weer terug als directeur van Profilti. In de jaren na de oorlog groeit de bedrijfstak van Profilti uit tot een afdeling waar veertig mensen werkzaam zijn. Bovendien bezit de afdeling een eigen laboratorium, geluidsafdeling en cameraploeg.

In de jaren vijftig loopt door de komst van de televisie het bioscoopbezoek sterk terug. Hiertoe besluiten de vier filmfabrieken Polygoon-Profilti, Multifilm, Telefim en Interfilm in 1959 hun krachten te bundelen en één groot overkoepelend filmbedrijf te starten onder de nam Cinecentrum.