Cees van Ede

Uit Beeld en Geluid Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Cees van Ede (1988)

NaamCees van Ede
GeborenUtrecht, 23 maart 1947
Functieseindredacteur, regisseur,
presentator
Bekend vanHet uur van de Wolf, Nederland C, Dokwerk, Morgen gaat het beter
Periode actief1972 - heden
Media
Audio fragmentenAudio.png

Cees van Ede in de media
Oeuvre Cees van Ede

Per toeval komt documentairemaker en presentator Cees van Ede terecht in de functie van eindredacteur. Bij het ontstaan van de NPS uit de NOS in 1995, doet Van Ede de NPS het voorstel voor de oprichting van een culturele documentairerubriek onder de naam Het uur van de wolf. De NPS gaat akkoord én biedt hem de functie van eindredacteur aan. Zijn diepe, volgens sommigen zelfs ‘geile’ stem die te horen is bij de aankondiging en het commentaar zijn vergroeid met Het Uur. Enkele jaren later wordt Van Ede bij dezelfde omroep Hoofd van de afdeling Documentaires. “Een jaloersmakende plek waar je zo’n beetje je eigen programma kan samenstellen”, vertelt hij in een interview met het NRC in 2001. Twaalf jaar lang gepassioneerd in de clinch over slots, programmatijden, werkbudgetten, omroephervormingen en documentaireaankopen.

Cees van Ede beleeft een jeugd waarin naar eigen zeggen ‘niet veel gebeurde’. Een studie aan de Filmacademie moet daarin verandering brengen. Na zijn opleiding als regisseur wordt Cees van Ede in 1972 regie assistent van theatermaker en musicus Lodewijk de Boer. Van Ede wijdt een aantal jaar later als eindredacteur en presentator van Cinevisie nog een volledige aflevering aan De Boer’s theaterfeuilleton The Family en maakt in 1995 in een serie portretten van theatermakers voor de NPS een documentaireportret van deze maker.

Tijdens de jaren zeventig werkt Van Ede als filmrecensent voor de Volkskrant, die eind jaren zestig van conservatief katholiek in politiek links is veranderd. Wekelijks presenteert hij daarnaast het KRO-radioprogramma Filmklapper, met Theo Stokkink en Maarten van Rooyen. Vanaf 1976 werkt hij voor de NOS. Hij interviewt hiervoor onder meer de tachtigjarige Joris Ivens op een overzichtstentoonstelling in het Filmmuseum, ter ere van zijn vijftigjarig jubileum. Van 1981 tot 1984 is hij presentator en eindredacteur bij het filmprogramma Cinevisie. Het programma komt in 1984 kort maar hevig onder vuur als in een krantenrelletje, aangewakkerd door een artikel in de Haagse Post van filmrecensent Tom Rooduijn, het kritische gehalte van de filmprogramma’s op televisie ter discussie komt. Volgens Rooduijn zijn de programma’s niet kritisch en gedicteerd door het filmbedrijf ‘en horen ze daarmee in het STER-reclameblok’. Filmproducent Matthijs van Heijningen noemt Cinevisie in een televisiediscussie ‘De Cees van Ede show’, omdat Van Ede de gasten uitnodigt en hij ieders favoriete fragmenten laat zien. Vervolgens laat hij, ironisch genoeg, weten dat hij geen filmfragmenten aan Cees van Ede afstaat, als deze van plan is om negatieve kritiek op de film te geven.

In 1986 voert Van Ede samen met Ben Klokman de eindredactie van Morgen gaat het beter, een vijfdelige serie over het ontstaan en de ontwikkeling van de Nederlandse film van 1900 tot heden. De serie, onder regie van Ruud van Gessel, wordt bekroond met de Filmfonds Televisieprijs op het Nederlands Filmfestival 1986. In de jaren tot 1995 werkt Van Ede als presentator en redacteur voor Cinemagazine en Cinema 3. Daarna is hij redacteur en regisseur voor het cultuurprogramma Nederland C en hij maakt portretten van Nederlandse theater,- en filmmakers.

De NPS wordt in 1995 opgericht om het aantal grote omroepen gelijk over de drie tv-zenders te kunnen verdelen. De NOS wordt in tweeën gesplitst: de NOS verzorgt nieuws, sport en evenementen. De NPS krijgt de wettelijke taak om het programma aanbod te verzorgen, dat volgens Den Haag van belang is en dat door de andere omroepen grotendeels wordt genegeerd. Minimaal veertig procent van de tv-zendtijd moet worden besteed aan culturele programma’s en hiervan moet twintig procent uitgesproken kunst zijn. Cees van Ede stelt voor om alle cultuurdocumentaires te groeperen op één tijdstip en wel – vanwege de standaard programmering rond middernacht - onder de naam Het uur van de wolf. De inspiratie voor deze titel vond hij in een huilende wolf in de leader van de Late show een kunstmagazine van de BBC. De NPS gaat akkoord, mét Van Ede als eindredacteur. Het lukt Van Ede een paar jaar later om het programma, ondanks zijn naam, midden op de avond te laten uitzenden.

Eind jaren negentig wordt Van Ede Hoofd van de afdeling Documentaires bij de NPS. Hij programmeert in de periode tot zijn vertrek in 2007 per jaar zo’n tachtig documentaires voor de NPS rubrieken Dokwerk en Het uur van de wolf. Van dit aantal koopt de omroep de helft aan en laat het de helft produceren. In 95% van de films gebeurt dit laatste door buitenproducenten en is de NPS-coproducent. Van Ede beslist in deze gevallen of de documentaire gemaakt wordt en heeft als eindredacteur een adviesfunctie bij de documentaireontwikkeling. Binnen Het uur van de wolf is er ruimte voor internationale en nationale documentaires. De mix blijkt gezond voor de kijker, zowel als voor het Nederlandse productieklimaat, zo vertelt hij in het eerder vernoemde NRC interview: ‘’Met buitenlandse aankopen kun je veel verhullen, want daar pak je de top. De eigen producties vallen wel eens tegen. Het blijft een moeilijk vak. Een mislukking houdt ook de go erin: de volgende moet echt weer raak zijn.’’

Cees van Ede heeft als aanjager, adviseur, samensteller & pleitbezorger van de documentairefilm talloze producties en vertoningen mogelijk gemaakt. Het is hem gelukt om tijdslots van negentig minuten toebedeeld te krijgen voor Het uur van de wolf. Time is an empty bottle of wine, een documentaire van Hetty van Hoorn over muzikant Willem Breuker en Cinema Europe: The Other Hollywood, een zesdelige serie over geschiedenis van de zwijgende speelfilm in Europa, zijn zo door een kleine aanpassing in de programmering ineens binnen bereik van het televisiepubliek gekomen.

Na zijn zestigste verjaardag verlaat Cees van Ede de NPS en wordt presentator van het klassieke muziekprogramma Oase op Radio 4. Bij de aankondiging van zijn presentatorschap op de website van het radioprogramma staat te lezen: “en wat de muziek betreft: zo ver als zijn herinneringen teruggaan is hij altijd een hartstochtelijk muziekliefhebber geweest, met als geheime ambitie zelfs een carriere in de muziek, maar daar is het (waarschijnlijk maar goed ook) nooit van gekomen."

Prijzen en onderscheidingen

Morgen gaat het beter, Filmfonds Televisieprijs (1986).