Iconoscoop

Uit Beeld en Geluid Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Nadat de Nipkowschijf jaren gebruikt is in de televisietechniek komt een uitvinding van de Amerikaanse Rus Wladimir Zworykin op het toneel. Zijn uitvinding is een overgang van mechanische beeldaftasting naar elektronische beeldaftasting en dito beeldweergave. Zworykin construeert een luchtledige glazen buis met daarin een mozaïekplaat, die bestaat uit miljoenen lichtgevoelige cellen. Het licht dat via een lens wordt ingevangen valt op deze mozaïekplaat. De lichtgevoelige cellen maken onder invloed van de binnenkomende lichtstralen kleine elektrische stroompjes. Door de mozaïekplaat met een elektronenstroom regel na regel af te tasten “leest” deze straal als het ware de intensiteit van ieder lichtpuntje. De elektronenstraal beweegt zich heen en weer en kan per seconde 25 keer een half beeld registreren. Dit komt doordat eerst alle oneven lijnen worden gelezen en daarna de even lijnen. Het trage menselijk ook ziet dit als een constant geheel beeld. De informatie die de elektronenstraal oppakt wordt omgezet in een elektrisch signaal dat aan een zender wordt toegevoerd.

In de ontvanger wordt het ontvangen signaal doorgegeven aan de elektronenstraal in de beeldbuis die per seconde 25 beelden schrijft van 625 lijnen. De kijker heeft zo de illusie van een mooi bewegend beeld. In 1934 is de iconoscoop een algemeen gebruikt onderdeel van de televisiecamera geworden.

moeizaam begin

Na jaren van experimenteren lijkt het erop dat televisie een plaats gaat krijgen in de huiskamer. Niet iedereen is daar positief over; de regering in Den Haag houdt alles goed in de gaten en is zeer voorzichtig met het geven van toestemming. Premier Willem Drees waarschuwt dat een televisie wellicht de spaarzaamheid van de arbeiders zal aantasten, wat de wederopbouw zou kunnen schaden, anderen vrezen een intellectuele vervlakking en smaakbederf. Men verwijt Philips economische winst te stellen boven geestelijke volksgezondheid. Uiteindelijk wordt in 1951 de Nederlandse Televisie Stichting (NTS) opgericht om de invoering van televisie in Nederland glad te laten verlopen. De NTS krijgt toestemming om gedurende twee jaar drie uren per week televisie-uitzendingen te organiseren die door de omroepverenigingen gemaakt mogen worden. De PTT stelt de zender beschikbaar terwijl de studio-apparatuur en kennis door Philips gratis worden geleverd. Het is een uitermate voorzichtig begin van televisie als het belangrijke medium van heden.