Noraly Beyer

Uit Beeld en Geluid Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Noraly Beyer (1993)

NaamNoraly Beyer
GeborenCuraçao, 20 juli 1946
Functiesnieuwspresentator, presentator
Bekend vanNOS Journaal, Studio NOS, Radio Nederland Wereldomroep
Periode actief1977-2008
TriviaTrivia
Media
Audio fragmentenAudio.png

Noraly Beyer in de media
Oeuvre Noraly Beyer

De ouders van Noraly Beyer komen uit Suriname, maar zij wordt geboren op Curaçao. Eind jaren dertig, begin jaren veertig trekken veel Surinamers richting het eiland omdat de Shell zich daar vestigt en veel werknemers nodig heeft. De ouders van Beyer behoren tot deze groep. Ze groeit op in een gezin van zes kinderen. Wanneer haar vader overlijdt, moet haar moeder hard werken het gezin te onderhouden. Op elf-jarige leeftijd wordt ze door haar moeder naar Nederland gestuurd om daar een opleiding te kunnen genieten. Ze komt terecht in een katholieke kostschool in het Limburgse Roermond. Op de school komt ze voor het eerst in aanraking met televisie: “Het was daar nog iets zeer elitairs. We mochten alleen, heel soms, kijken naar een processie of de benoeming van de Paus.”

Na de middelbare school in Roermond heeft Beyer verschillende wensen. Ze wil rondreizen door Europa, Spaans studeren of naar de Kunstacademie gaan. Uiteindelijk houdt haar moeder een mogelijkheid om in Londen als au pair te gaan werken tegen: “Die zei: nee, daar komt niets van in. Als je van school komt, ga maar eerst een diploma halen en als je dat hebt gehaald dan kun je doen wat je zelf wil.” Omdat haar moeder uit een onderwijzersgezin komt, oefent ze lichte dwang uit waardoor Beyer uiteindelijk naar de Kweekschool gaat in Den Haag. Tijdens haar opleiding geeft ze een jaar les in handarbeid en tekenen. Na haar diplomering besluit ze een jaar naar Parijs te vertrekken om alsnog als au pair te werken: “Daar heb ik leren schrobben, boenen en poetsen”.

In dat jaar leert ze haar toekomstige echtgenoot kennen met wie ze op het eind van dat jaar in het huwelijk treedt. Aanvankelijk bestaat het plan verder te gaan studeren en wellicht alsnog de Kunstacademie te gaan volgen. Echter, na de geboorte van het eerste kind krijgt haar man een baan aangeboden in Suriname, waarop het gezin in 1970 emigreert. In Suriname geeft Beyer les op een basisschool. Dit doet ze drie jaar met veel plezier. Ze verhuist als leerkracht elk jaar met de kinderen mee naar de volgende klas en leert ze hierdoor goed kennen.


De Surinaamse Televisie Stichting

Na drie jaar les te hebben gegeven, wordt Beyer benaderd door de Surinaamse Televisie Stichting om het nieuws te komen lezen. Dit gebeurt op het moment dat er in 1973 een algehele staking plaatsvindt in het land. Een bevriende filmmaker, die werkzaam is bij de voorlichtingsdienst van de overheid, vraagt Beyer het nieuws te lezen. De regering kan het zich niet permitteren dat ook de nieuwspresentatoren staken en Beyers vriend wordt gesommeerd het nieuws te gaan lezen. Hij wil de staking niet breken en stelt bovendien het nieuws niet goed te kunnen lezen. Beyer besluit haar vriend uit de brand te helpen en neemt de taak op zich. Na de beëindiging van de staking komen de nieuwspresentatoren terug en gaat Beyer opnieuw aan de slag als onderwijzeres. Niet veel later wordt ze door de Surinaamse Televisie Stichting gevraagd vaker te komen lezen. Beyer doet dat eerst alleen in de weekenden. Als het schooljaar is afgelopen, stapt ze helemaal over naar de STVS.

In eerste instantie is Beyers taak enkel het lezen van de teksten. Ze komt anderhalf uur voor de uitzending binnen en bemoeit zich niet met de inhoud. Al vrij snel krijgt ze door dat dit geen goede werkwijze is. Ze is het vaak niet eens met het taalgebruik en maakt zich sterk voor inmenging van haar kant. Uiteindelijk groeit haar functie uit tot volwaardig redactielid. Ze schrijft zelf mee aan de teksten en is betrokken bij het samenstellen van nieuwsitems. Omdat de Surinaamse Televisie Stichting een overheidsinstelling is, wordt het nieuws vooral aangestuurd door de wensen van de overheid. Beyer heeft hier af en toe wel moeite mee en krijgt het voor elkaar dat de berichten niet meer eenzijdig zijn en niet meer in extenso meegaan in het bulletin.

In 1980 verandert de situatie aanzienlijk. Er vindt een staatsgreep plaats. Een grimmige tijd breekt aan in het land én op de redactie van het nieuwsprogramma. De dag van de coup heeft Beyer dienst. Zes militairen komen in uniform en bewapend naar de redactie met de mededeling dat zij het nieuws gaan lezen die dag: “Ze wilde een verklaring voorlezen. Toen heb ik gezegd: oké heren, dan ga ik naar huis. Maar eenmaal thuis schrok ik me een hoedje. Want daar zaten ze dan, achter het bureau waar ik normaal gesproken zat, met hun uzi’s richting het publiek gericht.” Vanaf de volgende dag krijgt de nieuwsredactie te maken met een censor die controleert wat er geschreven en gezegd wordt: “Als wij iets tikten wat hen niet beviel dan werd soms het geweer op je schouder gelegd. Dan voelde je dat staal en riepen ze: dat kan niet hè!”. Na een tijdje besluit Beyer dat ze het binnenlandse nieuws niet meer wil voorlezen. Inhoudelijk klopt het niet meer en ze wil niet langer haar gezicht en naam aan dat nieuws verbinden. Beyer verdwijnt naar de achtergrond en leest alleen nog het buitenlandse nieuws.


Terug naar Nederland

In 1982, direct na de decembermoorden, vertrekt Beyer samen met haar dochter naar Nederland. Haar zoon gaat dan al in Nederland naar school. Aanvankelijk is ze niet van plan in Nederland te gaan wonen, maar ze weet wel dat ze niet meer in Suriname kan werken: “Zoveel mensen dood in zo’n kleine gemeenschap. En allemaal mensen die ik heel goed heb gekend”. Wat bedoeld is als bezinningsperiode resulteert in een veel langer verblijf in Nederland. Vlak na haar aankomst wordt ze gebeld door Radio Nederland Wereldomroep of ze daar wil komen werken: “Daar heb ik lang over na moeten denken, want als je ging werken bij de Wereldomroep kon je niet meer terug naar Suriname. De Wereldomroep was daar wat Radio Oranje was tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er werd in het geheim naar geluisterd om de censuur te omzeilen, het was absoluut taboe.”

Ze neemt de baan bij de Wereldomroep aan en wordt in Suriname al snel als ‘de stem van het verraad’ bestempeld en een terugkeer lijkt uitgesloten. Bij de Wereldomroep gaat ze programma’s maken die gericht zijn op Suriname. Dit blijft ze doen tot 2008. Direct na terugkeer in Nederland hoort ze instemmend de nationale discussie aan dat de media halverwege die jaren tachtig geen goede afspiegeling vormen van de Nederlandse samenleving: “Er werd geroepen: er moet een zwarte Emmer komen”, doelende op nieuwslezer Fred Emmer. Beyer is het wel eens met dit standpunt maar voert geen campagne voor zichzelf: “Ik had helemaal niet de ambitie om weer voor televisie te gaan werken. Ik schreef in die tijd ook veel en ik vond het werk bij de radio wel best.”


Het NOS Journaal

Wanneer Emmer in 1985 daadwerkelijk vertrekt bij het Journaal, wordt er gezocht naar een vervanger. Op voorspraak van de toenmalige hoofdredacteur wordt er gezocht naar een nieuwslezer met kleur en gezien Beyers ervaring in Suriname, wordt ze door het Journaal benaderd. Eenmaal aangenomen ervaart Beyer het NOS Journaal als een paradijs, vergeleken bij het Surinaamse televisiejournaal. Daar heeft ze alles zelf moeten doen, hier hoeft dat niet. De journalistieke vaardigheden heeft ze al onder de knie: “Ik hoefde het vak als zodanig niet meer te leren, maar ik moest wel leren omgaan met een andere mores. Bijvoorbeeld dat mensen toen ze mij op televisie zagen, dachten: nou, nou, moet dat nou?”

Bij het NOS Journaal is het zaak om op de hoogte te blijven van het nieuws en de achtergronden ervan. Ongeveer de helft van haar periode bij het Journaal is ze naast nieuwspresentator ook bureauredacteur. Beyer prijst deze manier van werken omdat je je dan breder ontwikkelt, maar rooster-technisch kan het soms lastig zijn.


Theaterwerk

Na drieëntwintig jaar NOS Journaal vindt Noraly Beyer het tijd voor iets anders. Tijdens haar loopbaan bij de NOS komt ze steeds vaker in aanraking met het theater. Zo wordt ze gevraagd voor de rol van rechter in Ajax en nieuwslezeres in De hemel boven Berlijn. Ze wordt daarvoor drie maanden uitgeleend door het Journaal. Wanneer ze eind 2008 door het Noord Nederlands Toneel wordt gevraagd de rol van het Griekse koor in het stuk Medea te vertolken, besluit ze zich niet weer te laten uitlenen, maar zich volledig op het theater te richten. Op 30 december 2008 presenteert ze haar laatste NOS Journaal. Na haar rol in Medea doet Beyer vooral research voor het Noord Nederlands Toneel. Voorafgaand aan een nieuw stuk duikt ze in het onderwerp om de theatermakers te adviseren.


Publicaties

  • De Antillen en ik (2008) - co-auteur
  • Suriname en ik (2010) - co-auteur en redacteur met John Leerdam.