Radio Kootwijk

Uit Beeld en Geluid Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Een nevenactiviteit in de ontwikkeling van het Nederlandse omroepbestel is de realisering van de communicatie met overzeese gebiedsdelen, ofwel de koloniën en dan met name Nederlands Oost Indië.

hallo Bandoeng

In 1917 bevindt zich al een installatie voor draadloze telegrafie met het moederland bij Bandoeng. In 1918 verrijst op de Veluwe, net onder Apeldoorn een zenderpark. Deze locatie wordt zeer geschikt geacht vanwege de ruimte die er is. De Amsterdamse architect Julius Luthman krijgt de taak gebouwen te ontwerpen om de zendinstallatie te huisvesten. Het bouwmateriaal is gewapend beton en al snel verrijzen de benodigde gebouwen waarvan het hoofdgebouw de bijnaam “De kathedraal” krijgt. De antenne bestaat uit een samenstel van zes koperen kabels die onderling verbonden zijn en zijn afgespannen van zes masten van 212 meter hoog. Als tegencapaciteit wordt onder de grond een netwerk van kabels aangelegd.

In 1923 worden door de P&T, de voorganger van de PTT, intercontinentale uitzendingen in de lange golf verzorgd met de nieuwe zender die door het Duitse bedrijf Telefunken is geleverd. De zender krijgt de code PCG. De golflengte is zeer groot, namelijk 17850 meter (17,85 kilometer). In 1928 gaat men over op uitzendingen in de korte golf. Hiervoor maakt men gebruik van andere zenders, die een kleiner formaat hebben en in kleinere gebouwen worden opgesteld.

Via Radio Kootwijk is het voor burgers mogelijk om telefonisch contact te hebben met familieleden of bekenden. Hiervoor moet men naar een telegraafkantoor gaan in één van de vier grote steden, waar een speciale “Indië-cel” is ingericht. Het gesprekstarief is hoog: voor drie minuten moet 33 gulden worden afgerekend en elke minuut extra kost nog eens elf gulden. In 1935 wordt een zender in gebruik genomen voor landelijk gebruik. Het vermogen bedraagt 120 Kilowatt en de gebruikte golflengte is 1875 meter.

het einde

In de Tweede Wereldoorlog neemt de bezetter de zendinstallatie in beslag en gebruikt Radio Kootwijk voor de communicatie met de onderzeeboten van de Kriegsmarine. Vlak voor de overgave blaast de bezetter een antennemast op. De hoop van de Duitsers dat de vallende antennemast het gebouw zal vernielen is ijdel want de constructie van gewapend beton blijft intact. Wel wordt zo veel mogelijk apparatuur naar Duitsland afgevoerd. In 1947 komt de oude installatie in Oost Duitsland boven water en wordt terug gegeven aan Nederland.

Met de komst van moderne communicatiemiddelen als de communicatiesatellieten wordt Radio Kootwijk overbodig. In 1980 wordt de grote zendmast gesloopt en alle uitzendingen worden in 1999 gestaakt. Het einde van een tijdperk. Tegenwoordig is Radio Kootwijk bekend als het kleine dorpje vlak bij de gebouwen die nu een museumfunctie hebben.